Vrijdag 25 mei 2024
Na wéken wachten is het vandaag eindelijk zover. Na het aanvragen van mijn second opinion bij de huisarts, heb ik vandaag, na weer twee weken wachten, een afspraak met de mamma-chirurg in het Groene Hart Ziekenhuis. Een mamma-chirurg is een chirurg die werkzaam is op de mamma-poli, oftewel dé afdeling voor alles wat te maken heeft met borsten.
Met een relaxed gevoel ga ik samen met mijn vriend richting het ziekenhuis. Aangezien er op de mammografie en de echografie niets te zien was en de radioloog en huisartsen denken dat het iets hormonaals moet zijn, verwacht ik dat deze chirurg een bloedonderzoek gaat laten afnemen om mijn horomonale waarden te laten berekenen.
De arts loopt iets uit en we mogen alvast plaatsnemen in het kleine onderzoekskamertje waar de arts-assistent na ongeveer 15 minuten binnen stapt. ‘Je bent doorgestuurd door de huisarts’ zegt de jonge dokter. ‘Ja, dat klopt. Ik heb een grote bult/schijf in mijn borst, maar op de echo en mammografie is niets te zien. Echter, wil ik zeker weten wat het dan wél is. De second opinion heb ik zelf aangevraagd’, leg ik uit. De jonge arts tikt hard mee in zijn computer en legt uit dat hij sowieso een MRI gaat voorstellen. Naast het uitleggen wat een MRI is, noemt hij ook alle risico’s: ‘De MRI is een scan om in jouw borsten te kunnen kijken. Nog secuurder dan een echo en mammografie. Dit onderzoek is belangrijk om te kunnen zien wat er in jouw rechterborst aan de hand is, maar omdat we ook jouw andere borst in de MRI gaan leggen, kan daar ook iets uitkomen. Als het blijkt dat jouw rechterborst niets is, kunnen we dus wel iets ontdekken waar we iets mee moeten in jouw linkerborst.’ Ik knik rustig en geef aan dat dit logisch is, maar ik wel zeker wil weten wat het is en blij ben dat er meer onderzoek gedaan wordt. Na het invoeren van mijn gegevens voor de MRI vraagt hij of hij lichamelijk onderzoek mag doen. Natuurlijk geef ik aan dat dit mag, want na de allereerste keer bij de huisarts heeft niemand meer gevoeld. Net nadat hij klaar is komt de arts binnen om ook mee te kijken. De arts-assistent geeft zijn bevindingen door en de arts vraagt of zij ook even mag voelen.
‘Doe je handen maar even in de lucht, dan kan ik er goed bij’, zegt zij. Met mijn handen boven mijn hoofd voelt ze aan mijn borst en diep in mijn oksel. Na een zucht hoor ik haar zeggen: ‘Oke, dit voelt echt niet goed. Dit vertrouw ik niet.‘ ‘Naast de MRI, wil ik ook een echo van jouw oksel. Hier voel ik namelijk een verdikking. Als beide onderzoeken zijn afgenomen zie ik je hier terug om de uitslag met jou te bespreken’.
Stilte.
Mijn hoofd maakt overuren en gedachten gaan alle kanten op. Zegt ze dit nu echt? Zegt ze nou echt dat het niet goed is en ze het niet vertrouwd? Wanneer krijg ik de MRI en de uitslag? Wat betekent dit? Is het toch wel borstkanker? De vragen schieten door mijn hoofd en na een stilte lukt het mij toch om de allerbelangrijkste vraag te stellen.
‘U zegt dat u het niet vertrouwt, maar kan het nog iets anders zijn dan borstkanker?’ vraag ik haar in een directe zin. ‘Ja, dit kan. Maar, ik ben heel eerlijk naar je. Iets goedaardigs voelt écht anders. Wat ik voel is ruw en bobbelig, dat is meestal geen goed teken. Ik kan niet in jouw borst kijken, vandaar dat ik de MRI en nog een echo wil, om alles zeker te weten. Pas als we dat weten kan ik meer vertellen. Maar, het zit me niet lekker.’
Na de afspraak loop ik verdrietig en onzeker naar buiten. De zin van de arts dat het haar niet lekker zit en ze het niet vertrouwt spookt door mijn hoofd. Mijn vriend is ook geschrokken van deze afspraak, maar benoemt nuchter als hij is dat we nog niets zeker weten en de onderzoeken moeten afwachten. Pas dan weten we wat het wel of niet is. Ik snap hem, maar ik voel me niet oke. Ik ben bang voor alles wat komen gaat. Dit mag geen borstkanker zijn. Dat kan niet. Dat mag niet.
—
Woensdag 29 mei 2024
De afspraken voor de MRI, de echo en de uitslag zijn ingepland. Vandaag mag ik langs voor de echo, maandag voor de MRI en dinsdag voor de uitslag.
Na een lang weekend en wat lange nachten (waar mijn hoofd alle scenario’s passeren) is het vandaag tijd voor een nieuwe echo van mijn borst en oksel. Dit heb ik al een keer eerder gehad én krijg vandaag de uitslag nog niet, dus ik besluit om alleen naar het ziekenhuis te gaan. Ondanks de slechte nachten ben ik relatief rustig van binnen aangezien ik mezelf aanpraat dat er op de vorige echo niets te zien was en dit vandaag ook zal zijn.
De verpleegkundige roept mij op de afdeling radiologie binnen en vraagt mijn bovenlichaam te ontbloten en te komen liggen op de onderzoekstafel. Half naakt loop ik naar binnen, waar zij netjes een handdoekje over mijn borsten heenlegt als ik ga liggen. Even later komt de radioloog binnen. Een andere radioloog dan de vorige keer met een onwijs open, rustige, lieve energie om zich heen begint met praten: ‘Goed dat je er bent, maar weet jij waarom je eerst een echo hebt en dan pas de MRI? Normaliter is dit andersom’. ‘Nee, dit weet ik eigenlijk niet. Wellicht omdat de MRI pas volgende week is en dit langer zou duren?’ geef ik aan. ‘Ach, je bent er nu toch dus we gaan gewoon het onderzoek uitvoeren hoor’, zegt hij geruststellend.
‘Mag ik even aan jouw borst voelen?’ vraagt de radioloog. ‘Ja’, antwoord ik. In mijn gedachten denk ik aan de vorige keer, toen heeft de radioloog helemaal niet gevoeld maar moest ik zelf de plek aanwijzen op mijn borst. Dat is wel echt anders dan vorige keer, bedenk ik mij. De radioloog gaat met de echokop over mijn borst en richting mijn oksel. Ook neemt hij mijn andere borst mee om te kunnen vergelijken. ‘Wacht even hoor, ik ga deze beelden eens vergelijken met de vorige echo’ en loopt weg. Na 2 minuten komt hij weer terug lopen en kijkt me aan. ‘Deze beelden van vandaag zien er totaal anders uit dan de vorige keer. Kijk maar.’, Hij laat eerst mijn goede borst zien, met normale melklieren en weefsel. Hij legt uit wat alles is en wat ik kan zien op het scherm. ‘Let op, nu gaan we naar je andere borst,’ en hij zet de echokop op mijn rechterborst. In het scherm verschijnen zwarte vlekken. Veel zwarte vlekken. Niet egaal rond, maar langwerpig. Precies zoals ik eerder op internet heb gezocht naar beelden van borstkanker. Shit!
‘Ik vertrouw dit niet, maar omdat we aan de buitenkant niet kunnen zien wat het is. Ga ik vandaag direct een punctie en biopt afnemen. Pas dan weten we zeker wat het voor cellen zijn.’ ‘Oke’, zeg ik met een zachte stem. ‘Is er iemand bij je?’ vraagt de radioloog. ‘Nee, ik ben vandaag alleen’, antwoord ik met een trillende stem. De radioloog antwoord terwijl hij mij met een zachte blik aankijkt: ‘Nee joh, je bent niet alleen. We zijn met zijn drietjes vandaag,’, waarop de verpleegkundige een hand op mijn schouder legt terwijl ik zacht begin met huilen.
…

Geef een reactie op Angèle van Putten Reactie annuleren